Plotten:


Er kan geplot worden in zowel zwart-wit als kleur.

Wij werken voor wat betreft plotten vanuit AutoCad(achtige) toepassingen altijd vanuit zgn. HPGL/2 (plot)files.
Dit zijn plotfiles, die u zelf op uw eigen systeem moet genereren.
Dit doet u door vanuit uw programma een plotopdracht te geven met de instelling 'Naar File'.
Vanuit een dwg-file (originele AutoCad-file) kunnen wij niet goed plotten.
Bij het geven van de print/plotopdracht op uw systeem wordt bijv. bepaald, welke lijndiktes gebruikt moeten worden voor de
diverse lijnkleuren op het scherm. Deze waarden worden 'meegegeven' in de plotfile, zodat onze plotter automatisch de juiste
lijndiktes en -kleuren kiest.

Hiertoe dient u een printerdriver te hebben geinstalleerd, die compatible is met onze plotter(s).
De aan te bevelen werkwijze verschilt per programma en/of besturingssysteem.
Sommige combinaties lopen probleemloos; andere hebben wat haken en ogen.

De aansturing voor ons type plotters kan op 2 manieren: via HPGL/2 en HP-RTL.

HPGL/2 is vector georienteerd. De files zijn klein (vaak < 1 Mb), maar vullingen geven soms problemen.

HP-RTL is bitmap-georienteerd. De files zijn veel groter (vaak > 5 Mb!), maar zowel lijnen als vullingen worden goed geplot.

Veel windows-drivers zijn combinatie-drivers, die zelf, al naar gelang het origineel, voor vector of bitmap kiezen.
Helaas kiezen ze vaak voor bitmap, ofschoon daar ogenschijnlijk geen reden toe is, maar wat wel een groot bestand oplevert.

Het kiezen en installeren van een geschikte plotterdriver:

Afhankelijk van uw programma en uw besturingssysteem zijn er verschillende oplossingen.
We hebben ervaring met deze drivers, en weten wat er (meestal) wel en niet mee gaat.
Deze drivers hebben we gekozen, omdat deze meestal HPGL/2 files genereren, die daardoor klein en dus gemakkelijk
te e-mailen zijn.

AutoCad

Bij de oudere autocadversies worden zgn. ADI-drivers van autocad zelf geleverd.
Installeer hiertoe zonodig binnen autocad een nieuwe plotter.
Kies voor de groep plotters HPGL/2 (niet HPGL!) en kies hieruit de HP 7600 Color.
Ook kunt u kiezen voor een WEindows systeemprinter; zie hieronder.
 

AutoCad Light en vergelijkbare programma's onder Win 95/98 of XP/NT:

Deze versies kennen geen eigen drivers (meer), dus moeten zij gebruik maken van de Windows systeemprinters.
Afhankelijk van uw systeem en uw wensen kunt u de volgende drivers gebruiken:
 
Plotwerk: Driver WIN95 of '98 Driver WIN NT of XP Kies bij installatie voor printer-type: Manual
Zwart-wit/grijstint 8830_9X.exe 8830_NT.exe 8830 Manual_8830.pdf
Kleur 1055_9X.exe 1055_NT.exe 1055CM

Kies altijd bij "afdrukken naar de volgende poort" voor "FILE: (naar een bestand schrijven)".
De op deze wijze verkregen file kunt u naar ons mailen.
Plotinstellingen zoals lijnkleuren en - diktes, papierformaat e.d. worden met een op deze wijze gegenereerde file automatisch meegegeven.
Het is altijd verstandig om de eerste keer even een testplot aan te leveren, om te zien of alle instellingen correct overkomen.

Mogelijk alternatief voor AutoCad2000 en nieuwer onder WinNT/XP: een HDI-driver, met pdf-handleiding.
 
 

Het plotten zelf.


U doet er verstandig aan voordat u uw cad-programma start de gewenste plotter als standaard-plotter te kiezen.
Ga hiervoor naar Deze Computer - Printers (of Start - Instellingen - Printers), klik met de rechter muistoets op de gewenste printer
en kies voor Instellen als Standaardprinter. Later kunt u uw eigen printer op dezelfde wijze weer als standaardprinter zetten.
Verschillende programma's hebben verschillende manieren om pendiktes en -kleuren te kiezen; hieronder hanteren we
een wat oudere AutoCad Light als voorbeeld (waar de versies ook nog van kunnen verschillen):

Geef vanuit AutoCad de opdracht Print. Het volgende menu opent zich:

Plotscherm.JPG (44311 bytes)

Onder Pen Parameters, Pen Assignments:
PenAssign.JPG (3940 bytes)
kunt u aangeven hoe de op het scherm gekozen lijnkleuren zich op de plot dienen te gedragen.
Voor zwart/wit plots dient u alle pennummers op 7 te zetten; in de rechter kolom kunt u dan toch verschillende lijndiktes aangeven.

Pendiktes.JPG (38877 bytes)

Kies onder Schaal (Scaling):
Scaling.JPG (7813 bytes)
de juiste schaal tussen origineel en plotmaat. Gebruik geen scale-to-fit (tenzij exacte schaal op dat moment niet belangrijk is),
omdat er dan een vreemde verschaling wordt gekozen, zodat de tekening nooit exact op schaal is.

Kijk onder Full Preview:
PlotPreview.JPG (4391 bytes)
of uw instellingen (paginagrootte, schaal) kloppen.
Partial wordt u meestal niet veel wijzer van; een te grote afbeelding wordt dan als beeldvullend (en niet te groot) aangegeven.

Past de tekening niet op het door u gekozen (standaard-)formaat, terwijl dat wel zou moeten? Dat komt omdat AutoCad
eventuele niet-printbare randen verrekend.
Kies dan als papierformaat geen ISO-formaat maar iets groter DIN-formaat of Oversized ISO-formaat.